direct contact

Direct contact

Sterftecijfers (HSMR)

Zuyderland ziet over het jaar 2016 een voorlopig HSMR-cijfer van 122. Het definitieve cijfer wordt later dit jaar bekend.

HSMR is de afkorting van Hospital Standardised Mortality Ratio, ook bekend als het zogenaamde ‘sterftecijfer’. Het is een landelijke berekening die het aantal overleden patiënten in een ziekenhuis vergelijkt met het te verwachten aantal overledenen. Binnen de HSMR-systematiek staat een score van 100 gelijk aan het landelijk gemiddelde, met een bandbreedte van 10 procent naar boven en beneden. Ziekenhuizen die tussen de 90 en 110 scoren hebben daarmee een gemiddeld (landelijk) sterftecijfer. Naar aanleiding van het verhoogde cijfer in Zuyderland in 2015 is er uitgebreid in- en extern onderzoek gedaan. Dit heeft aangetoond dat er geen relatie is tussen het aantal overleden patiënten in het ziekenhuis en de kwaliteit van zorg of de patiëntveiligheid.

Het HSMR-cijfer wordt berekend op basis van een teller en een noemer. De teller is de ruwe sterfte en de noemer de te verwachten sterfte. De zogenaamde ‘ruwe sterfte’ is een kenmerk van de Limburgse populatie die opgenomen wordt in het verzorgingsgebied van Zuyderland en hiermee een factor waar het ziekenhuis geen invloed op heeft, mits de verleende zorg op niveau is. De ruwe sterfte is toegenomen, die trend in de toename van de zogenaamde ‘ruwe sterfte’ werd in 2015 binnen Zuyderland voor het eerst waargenomen. Bij de berekening van de HSMR wordt, behalve het aantal overledenen (de zogenaamde ‘ruwe sterfte’), ook uitgegaan van het aantal te verwachten overledenen op basis van specifieke patiëntkenmerken. Onder andere zijn dit leeftijd, ernst van de aandoening en urgentie van de opname.  Het aantal te verwachten sterfgevallen wordt tevens bepaald op basis van het zorgprofiel van de patiënten die in het ziekenhuis worden behandeld. Bij dat zorgprofiel is het van groot belang dat in de systematiek van de berekening van de HSMR wordt meegenomen welke “bijkomende aandoeningen” patiënten binnen Zuyderland hebben, zoals diabetes, COPD, hartfalen, etc. Dergelijke “bijkomende aandoeningen” verhogen namelijk het overlijdensrisico en daarmee de “verwachte sterfte”. Helaas hebben we moeten constateren dat deze “bijkomende aandoeningen” binnen Zuyderland nog onvoldoende worden meegenomen in de berekening van de HSMR.

Samengevat: het hogere HSMR-cijfer is waarschijnlijk een combinatie van het gestegen aantal overleden patiënten (de zogenaamde ‘ruwe sterfte’) in combinatie met een te lage berekende te verwachten sterfte. De verwachting is dat deze twee beïnvloedende factoren uit het jaar 2015 ook nog meewegen in het voorlopige cijfer van 2016. Dit is een belangrijk punt van aandacht en hierop zijn inmiddels ook maatregelen genomen om de genoemde “bijkomende aandoeningen” beter te betrekken bij de berekening van de te verwachten sterfte. Deze maatregelen zullen pas vanaf 2017 gaan leiden tot een verbeterd HSMR-cijfer.

Zuyderland laat ook dit jaar een analyse uitvoeren naar het  voorlopige HSMR-cijfer 2016.Wij beoordelen op basis van dit onderzoek of er een relatie is tussen het overlijden van  patiënten en de kwaliteit van zorg of de patiëntveiligheid in het ziekenhuis. In 2015 heeft een vergelijkbaar onderzoek hier geen relatie in aangetoond.
Meerdere landelijke onderzoeken hebben aangetoond dat de berekening van het HSMR-cijfer niet eenvoudig en eenduidig is. Zuyderland ziet de HSMR dan ook als een belangrijk hulpmiddel met vooral interne waarde. Vanwege de beperkingen in de berekening, kan het cijfer dan ook niet gebruikt worden als maat voor het vergelijken van de kwaliteit van zorg tussen ziekenhuizen. Een nadere toelichting op de sterftecijfers zoals Nederlandse ziekenhuizen verplicht zijn om te publiceren vindt u in ‘de leeswijzer sterftecijfers’ van de Consumentenbond

Wilt u de SMR van 2015 weten?
Sterftecijfers (HSMR) Zuyderland 2013-2015