Ga naar hoofdinhoud

‘Mijn uitdaging is om bewoners zover te krijgen dat ze iets doen wat je niet van hun zou verwachten’

Lees het hele verhaal

Astrid Sour

Zilverlinde

‘Mijn uitdaging is om bewoners zover te krijgen dat ze iets doen wat je niet van hun zou verwachten’

De in Breda geboren Astrid Sour (62) is 19 jaar als ze slaagt voor de opleiding verzorgende IG. Ze werkt in diverse zorgcentra, gevolgd door 15 jaar in de extramurale ouderenzorg. Dit is een vorm van intensieve thuiszorg voor mensen met een verzorgingshuisindicatie, maar niet zijn opgenomen in een instelling. Sinds drie jaar werkt ze in zorgcentrum de Zilverlinde in Geleen op de Psychogeriatrie (PG). Dit is een gesloten afdeling waar mensen wonen, die in meer of mindere mate last hebben van dementie.

Astrid: ‘Ik kom uit een familie met een zorghart. Als kind speelde ik met mijn poppen die altijd wel een of andere ziekte hadden zodat ik ze kon verzorgen. Toen het zover was dat ik een opleiding moest kiezen was de keuze dan ook snel gemaakt. De Zilverlinde is ingericht als kleinschalig wonen. Dat betekent dat er geen grote zalen zijn, maar vijf huisjes. In ieder huisje wonen zes mensen die ieder hun eigen kamer hebben. Ieder huisje heeft een keuken waar iedere dag gekookt wordt, een woonkamer en twee badkamers. Er is een binnentuin waar het heerlijk vertoeven is. Alles is op de begane grond en iedere bewoner kan overal naartoe lopen, want de deuren tussen de huisjes staan open. Alleen als er grote onrust is in een van de huisjes, dan doen we de deur dicht. Dit komt gelukkig zelden voor. De sfeer hier is namelijk super.’

‘Mijn uitdaging is het om bewoners zover te krijgen dat ze iets doen wat je niet van hun zou verwachten. Mevrouw V. bijvoorbeeld, zit de hele dag passief in een rolstoel. Ik ga regelmatig met haar aan de slag bij de tovertafel, een interactief projectiespel voor mensen met dementie. Als ik haar blijf stimuleren, probeert ze het spel mee te spelen. In de ochtend als ze vanuit bed in haar rolstoel wordt getild, stimuleer ik haar om haar been zelf op te tillen en op de voetsteun te zetten. Ik kan haar been ook optillen, maar het is beter als ze zelf haar spieren aanspant. Ik daag haar dan uit om met mij te sporten en na een tijdje tilt ze haar been heel langzaam op. Een tijd geleden zong ik het liedje van de Lange Jan. Mevrouw V. is van Heerlen en herkende dit liedje. Ik heb veel met haar geoefend en nu zingt ze het liedje zelfstandig. Dat is toch geweldig. Daar word ik helemaal blij van. Andere bewoners laat ik helpen met aardappels schillen of het bed opmaken. Ook dat is snel door iemand van de verzorging gedaan, maar met wat stimulans en geduld lukt het de bewoners ook. Het is heel erg belangrijk om de bewoners in hun waarde te laten en hun te laten doen wat mogelijk is.’

‘Iedere dag kom ik met plezier naar mijn werk. Ik ben nu 62 jaar. Als ik 65 ben stop ik met werken en maak ik mijn droom waar om als vrijwilliger in de zorg mee te werken in een hospice.’